Gianni Infantino heeft beslist er een lange machtsstrijd van te maken bij Fifa. Hij is van plan alle middelen te gebruiken die kunnen helpen om de baas te blijven van het wereldvoetbal. Dat voetbal interesseert hem nauwelijks. Je moet geen genie zijn om te voorspellen dat de sport het grootste slachtoffer wordt van zijn beleid.
De Zwistr verzamelde deze week zijn getrouwen in Zürich rond hem in Marokko. De top van het personeel, allemaal figuren door hem aangeworven die ok door hem kunnen worden ontslagen. Opvallend daarbij was dat niet eens alle toppers uitgenodigd waren. Dat ze een statement verspreidden met de boodschap ‘dat het gedaan moest zijn met aanvallen op de integriteit van Fifa’ was ronduit grotesk.
Laat ons hopen dat er de komende maanden veranderingen uit de bus komen die op dit moment onmogelijk lijken. Overduidelijk is dat er een nieuw evenwicht moet gevonden worden in de machtsverhoudingen. De nationale bonden kunnen het niet langer alleen voor het zeggen hebben. En dan bedoel ik niet dat, zoals Lorin Parys in de Financial Times aankaartte, de liga’s (de profclubs dus) meer zeggenschap moeten krijgen. Dat is een evenwicht dat binnen elke voetbalbond moet bepaald worden. Het is trouwens nogal misleidend om te insinueren dat de profliga’s geen impact hebben.
Neen, er moet meer zeggenschap komen voor spelers en fans. Veel voetballeiders zijn het blijkbaar vergeten, maar het voetbal bestaat voor de spelers en de fans. FIFPro, de internationale spelersvakbond, maakte zijn standpunt al duidelijk.
Transparantie
Hierbij een aantal ideeën op basis van een voorstel in The Guardian van vrijdag.
- Splits Fifa: de organisatie die het grootste sportevenement ter wereld organiseert, kan niet de spelregels bepalen. Het resultaat daarvan hebben we gezien. Om de interesse voor het WK op te voeren, werden onaanvaardbare beslissingen genomen. Zoals de drankpauzes, de veel te lange pauze bij de finale en de strafmaat (Cristiano Ronaldo, Balogun). Dat de regels worden omgebogen om meer winst te maken, is volstrekt onaanvaardbaar. Er moeten een Chinese muur komen tussen zij die de sport leiden en de commerciële dienst. Zoals dat bij (goed geleide) media het geval is.
- Controle op sportorganisaties kan alleen van buitenaf komen. Er is een onafhankelijk orgaan – zoals Wada, dat voor de dopingcontroles instaat – nodig om sportbonden te controleren.
- De president van Fifa heeft veel te veel macht en gaat zich in de loop der jaren steeds autoritairder gedragen. De Fifa Council moet veel korter op de bal spelen. Deze dames en heren strijken elk jaarlijks 250.000 dollar op, weten nergens van en hebben alleen een rol als ja-knikkers richting de voorzitter. Zij moeten in eerste instantie de president controleren. Een mogelijkheid zou kunnen zijn om de voorzitters van de zes confederaties (AFC, CAF, CONCACAF, CONMEBOL, OFC en UEFA) te laten roteren als voorzitters. Ze kunnen elk jaar of maximaal om de twee jaar wisselen, zodat ze niet te machtig worden.
- Meer transparantie, zoals al herhaaldelijk gevraagd door de ngo Fair Square. Er moet niet alleen duidelijker bepaald worden wie wat krijgt (uit recente verhalen kan je concluderen dat je vooral de president moet plezieren om geld te krijgen), maar bovenal moet er ook beter gecontroleerd worden wat er met dat geld gebeurt. Er zijn verhalen legio over nationale bondsleiders die het geld naar eigen zakken lieten afvloeien. Meer transparantie betekent ook meer openheid naar de media. Infantino geeft gemiddeld om de vier jaar een persconferentie. Dat is onaanvaardbaar.
- Er moet ook een andere verdeelsleutel komen voor het geld (211 keer 8 miljoen dollar tussen 2027 en 2030) dat Fifa naar de bonden laat afvloeien. Dat iedere bond even veel krijgt, is ridicuul. Eén land één stem hoeft niet te betekenen dat een land met 500.000 inwoners even veel moet krijgen als een met 50 miljoen inwoners of een bond met 10.000 leden even veel als een met 2 miljoen leden. Landen met financieel sterke competities (vooral in Europa die vaak ook veel geld incasseren via prestaties op een WK) hoeven ook niet zo veel te krijgen als bonden uit ontwikkelingslanden. The Guardian geeft als voorbeelden aan de ene kant Montserrat en Gibraltar en aan de andere kant India en Nigeria.
Om een beter bestuur van Fifa te krijgen, mag het beleid niet langer alleen bepaald worden door de 211 bonden die allemaal slechts in één ding geïnteresserd zijn: geld. Spelers en fans moeten een veel ruimere inbreng krijgen in het belang van het voetbal en alle stakeholders. Er moeten oplossingen bedacht worden om vooral de fans inspraak te geven.
Kortom, er moet een meer gesofisticeerde manier gevonden worden om vooral de bonden te helpen die het nodig hebben. En bereid zijn strikt te laten opvolgen wat met het geld gedaan wordt. Gaat het geld in een aantal landen niet te veel naar het nationale team en een dure buitenlandse coach in plaats van naar grassroots-voetbal?