De eerste ronde in de groepsfase zit er op, de grote jongens zijn opgestaan. We mogen dus ook in de tweede ronde uitkijken naar Lionel Messi. Opvallend hoeveel vergeeflijkheid zijn trapje op een Algerijns kuitbeen oproept. In de uitbundige en terechte lofzang wordt er nauwelijks of niet gesproken of geschreven over de uitgebleven rode kaart. Het gaat immers om Messi, die kennelijk boven de wet staat.
Wij in Nederland denken dan meteen terug aan de kwartfinale van vier jaar geleden tussen Oranje en Argentinië. Geel bleef uit bij een opzichtige handsbal; later ging Messi wel op de bon, wat toen geen gevolgen meer had. De opstootjes die volgden, met onze ‘nationale gek’ Wout Weghorst als opstoker in de hoofdrol, hebben Messi bij verblinde patriotten voor eeuwig ongeliefd gemaakt.
Gelukkig kan Messi nog altijd ’shinen’, zelfs na zijn nadagen in een Amerikaanse competitie die wij in Europa als tweederangs beschouwen. Maar, laten we eerlijk zijn, Messi had natuurlijk wel een (of twee) wedstrijden rust opgelegd moeten krijgen. Soortgelijke overtredingen van pakweg Iran of Irak zouden direct met rood zijn bestraft; dan was zelfs geen ingreep van de VAR nodig geweest. Waar is dan de uniformiteit in de arbitrage?
Discussies
Opvallend is dat de openingswedstrijd met drie rode kaarten een strenge aanpak van de arbitrage leek in te luiden. Het tegendeel komt nu naar boven. Interessant in dit verband zijn de discussies die zich voltrekken op https://law5-theref.blogspot.com/.
Op dit forum wisselen insiders uit de arbitrage nog tijdens de wedstrijd hun opvattingen uit. Velen spreken met kennis van zaken en beschikken over veel achtergrondinformatie. In dit blog is de indruk ontstaan dat de scheidsrechters én VAR’s van hogerop opdracht hebben gekregen zo weinig mogelijk overtredingen te bestraffen en zuinig te zijn met geel en rood, om het WK niét (tijdelijk) van zijn sterren te beroven. Vandaar ook, zo veronderstelt een ruime meerderheid van deze insiders dat Lionel Messi (ten onrechte) de rode kaart werd bespaard.
Wissels Koeman
Ondertussen blijven wij ons in Nederland druk maken over de wissels van Ronald Koeman. Natuurlijk pakten ze verkeerd uit, verloor Oranje daardoor alle snelheid en gaf het Japan daarmee moed. Zonder Japanse gelijkmaker zou de kritiek aanzienlijk milder zijn geweest en hadden tv-analisten en fans al uitgekeken naar succes. Want zo gaat het altijd met Oranje (en elders).
Natuurlijk heeft Nederland geen ‘wereldploeg’, zoals Paul terecht vaststelt. De spelers komen geen van allen uit de Eredivisie, wel vrijwel allemaal uit de topcompetities van Europa. Bij vorige toernooien heeft Louis van Gaal ondanks de beperkingen Oranje naar de derde plaats (2014) en kwartfinale (2022) kunnen leiden. Of Koeman zijn team zo ver kan brengen, betwijfel ik. Veel ploegen hebben in de eerste serie poulewedstrijden meer kwaliteit én energie laten zien. En Koeman geeft Oranje geen extra dimensie.
Als coach is Ronald Koeman altijd en overal een pragmaticus geweest, zonder specifieke tactische vondsten of psychologische trucs. Hij vertrouwt altijd op zijn zogeheten sterspelers die loyaal aan hem zijn (en andersom). Sympathie en bewondering van het Oranjelegioen heeft Ronald Koeman nooit kunnen verwerven.
In zijn voordeel spreekt dat Ronald Koeman kritiek respecteert. Hij blijft kalmpjes vragen beantwoorden, hoe prikkelend vaak ook. Hij gaat stug door op de weg die hij zelf is ingeslagen, overtuigd van zijn eigen gelijk. Hoelang nog? Zowel coach als KNVB heeft nog geen uitsluitsel gegeven wie ná het WK de leiding behoudt óf krijgt over Oranje.
Of zij zelf nog verder wil, wordt steeds sterker de vraag. De samenstelling van zijn WK-selectie wekt de indruk dat hij niet langer naar de toekomst kijkt. Enkele maanden terug nog kondigde Koeman aan twee of drie jonge spelers te willen selecteren die alvast toernooiervaring zouden kunnen opdoen voor een volgend EK of WK (met Koeman?).
Die gedachte heeft hij uiteindelijk laten varen, wellicht omdat hij zelf intussen tot de conclusie is gekomen dat het voor hem wel genoeg is met al die meningen van al die 17 miljoen ’bondscoaches’ in Nederland.
PS François en Paul. Hebben jullie dat warming-up-shirt van Oranje al gezien? Zwart-geel-rood. In een dessin met leeuwen, tulpen, Surinaamse uitingen en schildjes van de geboorteplaatsen van Nederlandse internationals. Het shirt is meteen een hype, zo opportunistisch zijn we wel in Nederland.