dinsdag, juni 30

Dino Zoff, zelfverzekerde zwijger, Il Monumento in 1982 – Raf Willems

Pinterest LinkedIn Tumblr +

Een dagelijkse serie van 31 afleveringen…Iconen van het WK Voetbal 1920-2026 uit het gelijknamige boek. Vandaag: Dino Zoff; 28 februari 1942.

Italië – West-Duitsland 3-1, finale Mundial Spanje, 11 juli 1982, Estadio Bernabeu Madrid

Dino Zoff. Italië-West-Duitsland 3-1, 11 juli 1982, finale WK Spanje in Madrid. De piepkleine, hoogbejaarde president Pertini (82 jaar) vertederde het publiek. Met zijn hilarische vreugdedansen verstoorde hij het protocol op de eretribune. Italië was wereldkampioen. Aanvoeder Dino Zoff (40!) aaide fier de wereldbeker. De doelman en de president hadden iets gemeenschappelijks in het sombere, zompige Italië van die dagen: persoonlijkheid én waardigheid. De dansende sociaaldemocraat trachtte tevergeefs de politieke klasse uit het moeras van de maffia te trekken. De zwijgende Zoff was het laatste houvast voor de Squadra Azzurra en het calcio, dat verstikt was geraakt in corruptie en catenaccio. Pertini en Zoff, Il Presidente en Il Monumento, vertegenwoordigden die avond de geest van het hoofse en intelligente Italië.

Voor Dino smaakte de wraak zoet. Zijn drie vorige wereldkampioenschappen waren slecht afgelopen. Dankzij de sterke prestaties van Zoff tegen zowel de Sovjet-Unie (0-0, winst na toss) als Joegoslavië (1-1, 2-0) had Italië in Rome het EK van 1968 gewonnen. Toch passeerde bondscoach Valcareggi hem voor het WK 1970 in Mexico en hield hem het hele toernooi op de bank. West-Duitsland 1974 liep uit op een blamage. Het leek niettemin het moment van Zoff te worden. Hij hield in twaalf voorafgaande interlands 1143 minuten de nul vast. Totdat de volslagen onbekende Emmanuel Sanon voor Haïti 0-1 scoorde. Italië won met 3-1, maar de supersterren van Inter en AC Milan uit de jaren zestig waren te traag geworden. Zelfs Zoff had geen verhaal tegen de snelle Poolse spitsen Lato en Szarmach (3-2). Tijdens de Mundial 1978 in Argentinië leverden de afstandsknallen van Arie Haan tegen Nederland (2-1) hem de bijnaam ‘opa’ op. De pers rekende hem het mislopen van de finale aan. Voor de ‘zwijger’, 36 intussen, leken de beste jaren voorbij.

Hij kende een jeugd in het gezonde boerenleven, nabij de grens met Slovenië. De microbe van het keepen had hem snel beet. Op zijn vijftiende bood hij zich aan bij de jeugdopleiding van Inter.
De legendarische Giuseppe Meazza wees hem af. Te klein, te fragiel, te weinig uitstraling voor een doelman. Dino versaagde niet. Hij tekende in 1961 een contract in eigen regio bij Udinese. Een roemloze tocht langs onbeduidende clubjes leek zijn deel. In 1963 volgde AC Mantova. Het degradatievoetbal hardde hem en hij speelde zich in de laatste wedstrijd in de kijker. Bij winst zou het machtige Inter van Helenio Herrera de voor de hand liggende titel behalen. Zoff stopte de onmogelijkste ballen en Juventus sleepte de scudetto in de wacht. Het leverde hem een transfer naar Napoli op. Van de stugge boerengemeenschap in het noorden naar het wulpse, carnavaleske zuiden. Hij bleef zichzelf in het ziedende Napels: zwijgzaam, bedacht, met afstandelijk boerenwantrouwen, de omgeving waarnemend. Intussen was Juventus hem niet vergeten.
La Vecchia Signora (De Oude Dame) probeerde wanhopig uit de schaduw te treden van Inter en Milan, die in de jaren zestig samen vier keer de Europa Cup der Landskampioenen wonnen. De Oude Dame was toen al Italiaans recordkampioen, maar slaagde er niet in dat meesterschap internationaal te vertalen. Om de kloof met de Europese top te dichten haalde Gianni Agnelli, de godfather van het meest bevlogen zakengeslacht uit de Laars van Europa en de eigenaar van Juve, de hyperbetrouwbare doelman binnen. De keeper beschaamde het vertrouwen van Il Avvocato niet. Tussen 1972 en 1983 miste hij geen wedstrijd. Die leidde hem naar zes scudetto’s, twee Coppa’s en één UEFA Cup (1977). Naast verloren finales in de Europa Cup der Landskampioenen tegen Ajax (1973) en Hamburger SV (1983). En een gemiddelde van minder dan één tegengoal in ruim achthonderd wedstrijden. Waarvan 112 met de Squadra Azzura. Na een dramatische eerste ronde, met zeer middelmatige gelijke spelen tegen Polen, Peru en Kameroen, werden Italiaanse bondsfunctionarissen zelfs in het parlement op het matje geroepen. Ook de media spaarden hun vernietigende kritiek niet. In de tweede ronde met Argentinië en Brazilië als tegenstanders leek de Squadra vooraf een vogel voor de kat. Maar Dino Zoff straalde een enorme rust uit. Na een brutale partij volgens de slechtste traditie van beide landen versloeg Italië het Argentinië van Maradona met 2-1. Zoff stond niet in het brandpunt van de belangstelling, maar gaf vertrouwen op cruciale momenten. In de clash tussen twee stijlen met het Brazilië van Socrates en Zico vertolkte hij de beste interland uit zijn loopbaan. Hij stopte het eindoffensief af met koelbloedige tussenkomsten. De Squadra daverde vervolgens op goud af. Vloerde het Polen van Boniek met 2-0 in de halve finale. De doelman gaf geen krimp. Ontmantelde het West-Duitsland van Breitner met 3-1 in de eindstrijd. Het absolute hoogtepunt, waa hij in het rumoer na de match toch zichzelf bleef. Zelfverzekerd. Zwijgend. Il Monumento. Dino Zoff.

Uit: Iconen van het WK Voetbal 1920-2026 – Raf Willems – Uitgeverij Best in Books

 

Share.

About Author

Paul Catteeuw (1956) bekijkt voetbal vanuit de tribune achter het doel. Hij houdt zo de vinger aan de pols voor wat naast de zijlijn gebeurt en probeert om er dwars doorheen te kijken. Soms vol nostalgie, soms vol verwondering, maar meestal met een vleugje ironie.

Leave A Reply