maandag, september 14

Atletiek: prachtige première in Boedapest

Pinterest LinkedIn Tumblr +

Dit was dus een van de nieuwigheden die volgens voorzitter Sebastian Coe de atletiek omhoog zullen stuwen in de vaart der volkeren: een tweejaarlijks toernooi als apotheose van het zomerseizoen. Met in elk onderdeel de beste acht of zestien van de afgelopen tijd, uit welk land ze ook komen, zonder tempomakers, met bovendien een inkrimping van de kampnummers, een goed gevulde prijzenpot waarin ook nummer laatst deelt, en voorts een tv-regisseur die deze sport van nabij volgt en vertrouwd is met de jongste digitale snufjes.

Ook aanwezig: een algemene afkeer van circusachtige acts die gelijkaardige evenementen ontsieren. Organisatoren van de Diamond League, waarvan de finale ook rond die tijd wordt gehouden, voelen zich bedreigd. Terecht? Misschien. Maar misschien ook niet. Tenslotte moeten de meesten van die tenoren zich hier of daar voor de nieuwe competie kwalificeren.

Een gedurfd en ambitieus project dus, die Ultimate Championships, maar ze zijn de hoge verwachtingen tegemoet gekomen. Vooral door het opvallend hoge atletische niveau, in het bijzonder in de spurtnummers. 0p de hoofdtribune liet Usain Bolt, de grootste spurter aller tijden, zijn bewondering blijken, hoewel zijn landgenoten overvleugeld werden door de Amerikaanse raspaardjes, Melissa Jefferson-Wooden en Kenneth Bednarek voorop, met elk twee titels. Is de 100 meter voor vrouwen de mannenwedstrijd aan het verdringen als zogeheten koningsnummer? Zeer zeker. En Jefferson-Wooden voegde er nog een huzarenstukje aan toe: 21.47 op de 200 meter, op maar 13 honderdste seconde van het bijna veertig jaar oude wereldrecord van haar landgenote Florence Griffith-Joyner.

Nog meer vrouwen imponeerden: Marileydi Paulino op de 400 meter, nieuwkomer Klaudia Kazimierska, een in de Verenigde Staten verblijvende Poolse, op de 1500 meter, en bovenal Audrey Werro, een tweeëntwintigjarige Zwitserse neo-prof, een jaar geleden nog in de eerste plaats studente, nu de aankomende wereldrecordhoudster op de 800 meter. Althans, daar gaat bijna iedereen vanuit. Al sinds Jarmila Kratochvilova drieënveertig jaar geleden het wereldrecord op 1.53.28 bracht dook geen atlete meer onder 1.54. Werro realiseerde het afgelopen seizoen driemaal. En won tien keer in tien wedstrijden, met een andere nieuwelinge, Femke Broeders-Bol, als sterkste, aanklampende rivale. De Nederlandse gewezen 400 meter hordenloopster heeft zichzelf en de halve atletiekwereld verbaasd. Hoewel, wijst de lange levensduur van het nog overeind staande wereldrecord er niet op dat de vorige generaties, op een paar enkelingen na, niet van absoluut topniveau waren? En de plotse hoogconjunctuur dus niet langer kon uitblijven.

Waarnaar werd in Budapest nog uitgekeken? Naar het polsstokspringen, natuurlijk. Een eventuele machtsoverdracht is niet dichterbij gekomen, Mondo Duplantis heerste in de Hongaarse hoofdstad als vanouds, Emmanouil Karalis accepteerde het met een kamerbrede glimlach, en verder zien we wel. The king is back. Na twee jaar van lichamelijke problemen en zeven maanden na een operatie aan de achillespees, haalde Jakob Ingebrigtsen met zijn Noorse flegma vernietigend uit in de 5000 meter. Achter hem finishten Amerikanen als tweede, derde, vijfde, zesde en zevende.

Ook al zijn de States de vader van de wereldwijde looprage, op de tartanbanen brachten ze er tot nog toe weinig van terecht. De kentering wordt almaar duidelijker. Sinds Ingebrigtsen zeven jaar geleden, op zijn negentiende, Europees kampioen werd, heeft hij in elf kampioenschappen tien keer gewonnen. Bij zijn enige verlies, vorig jaar op de wereldkampioenschappen in Tokio, was hij allesbehalve fit. Collen Kibenatship op de 400 meter, Alison Dos Santos op de 400 meter horden, Masai Russell op de lage horden, Rumesh Pathirage, uit Sri Lanka, in het speerwerpen, Gianmarco Tamberi in het hoogspringen met een knappe 2,37 meter, Josh Kerr op de 1500 meter: hun zege heeft niemand verbaasd. Kerr ging de pas twintigjarige Cameron Myers, een supertalent, op het nippertje vooraf. Achter dit duo volgden andermaal drie Amerikanen, nota bene binnen 3 honderdste seconde. Een hoogstaande broederstrijd is ontbrand.

Emmanuel Wanyonyi van zijn kant, de topfavoriet op de 800 meter, beeindigde het seizoen zoals hij het begonnen was: met een fikse tegenvaller. Djamel Sedjati, een Algerijn, zegevierde in 1.41.91, exact 1 seconde meer dan het wereldrecord van de Keniaan David Rudisha in 2012. De Belg Eliott Crestan eindigde als achtste en laatste. Pas helemaal hersteld van een blessure was een plaats in de finale allicht het hoogst haalbare. Even verdienstelijk was Paulien Couckuyt als zesde op de 400 meter horden. Bij het begin van het seizoen overwoog ze nog een punt te zetten achter haar loopbaan. Het gebeurt wel vaker dat deze gedachte een soort opluchting en rust teweeg brengt die tot verrassend goede resultaten leidt. De negenentwintigjarige Couckuyt liep nooit sneller dan afgelopen weken en maanden.

Op de laatste wedstrijddag kwam ook een Belgische gemengde 4 maal 400 meterploeg in actie. Jonathan Sacoor, Helena Ponette, Daniel Segers en Camille Laus werden vierde. Het openluchtseizoen is feestelijk afgesloten, over twee weken begint in Berlijn een reeks grote herfstmarathons.

Share.

About Author

Comments are closed.