Het was een van de pijnlijkste nederlagen uit de geschiedenis van het Duitse voetbal: tijdens het WK in eigen land verloor het toenmalige West-Duitsland op 22 juni 1974 een groepswedstrijd tegen de DDR met 0-1. Dat werd na die zege groepswinnaar. Jürgen Sparwasser maakte een historisch doelpunt. En ook al werd West-Duitsland later in een memorabele finale tegen een veel sterker Nederland wereldkampioen, die nederlaag is altijd blijven nazinderen. Zelfs de toenmalige bondskanselier Helmut Schmidt sprak van een sportief litteken dat zijn land was toegebracht.
Een middelvinger
Tegenspraak werd in de DDR niet geduld. Sparwasser kreeg zelfs geen toegang meer tot lezingen. Toen rijpte bij hem het idee om te vluchten. Hij had er genoeg van om in zijn vrijheid te worden geremd. Al waren er voor hem limieten. Toen Sparwasser eens een goal maakte voor 1. FC Magdeburg in een wedstrijd tegen Dynamo Berlin, de club van Stasi-baas Erich Mielke, schold die hem vanaf de tribune uit voor klootzak. Waarop Sparwasser naar de baas van de geheime politie zijn middelvinger opstak. Bestuursleden kwamen hem in paniek vragen waarom hij dat had gedaan. Hij zou zeker gesanctioneerd worden. Maar Mielke heeft er niet op gereageerd. Sparwasser was op dat moment te belangrijk voor het voetbal in de DDR.
Jürgen Sparwassser, die op 4 juni 78 jaar wordt, was een van de eerste topvoetballers die naar het Westen vluchtte. In een lang interview dat ik vijftien jaar geleden voor het weekblad Knack met hem maakte, vertelde hij over die lange vlucht. Hij maakte op 10 januari 1988 gebruik van een wedstrijd van de veteranenploeg van 1. FC Magdeburg om in Saarbrücken achter te blijven. Sparwasser werd meteen gezien als een landverrader. En vroegere collega’s aan de sportacademie, waarmee hij zeer vriendschappelijk was omgegaan, schilderden hem ten aanzien van de studenten af als een vijand van het communisme. Het was hen opgelegd.
Ongeremd vertelde Sparwasser over het leven in de DDR, waar het moeilijk was om jezelf te blijven en het na een Europese wedstrijd verboden was om van truitje te wisselen. Althans, niet voor het oog van de camera. Toen hij dat na een wedstrijd tegen Juventus toch eens deed, werd hij meteen op het matje geroepen. Sparwasser diepte nog eens het verhaal op van zijn vlucht en van zijn dochter die meteen door de geheime politie werd meegenomen voor een twaalf uur durende ondervraging, ofschoon ze hoogzwanger was. Ze vertelden daar dat ze uit haar appartement moest en dat alle meubelen zouden worden verkocht en dat ze haar baan als tandartsassistente zou verliezen. En dat haar man naar het leger moest. Toen vond Sparwasser, die tot dan nooit iets verkeerds had gezegd over de DDR, het tijd om te reageren. Hij kende iemand bij de machtige boulevardkrant Bild Zeitung en die heeft toen een venijnig commentaar geschreven. Daarin stond dat er in Duitsland in de Tweede Wereldoorlog onder Adolf Hitler al racisme bestond en dat het te hopen was dat Erich Honecker, het staatshoofd van de DDR, niet in dezelfde fout zou vervallen. Hij moest, zo werd er geschreven, de familie Sparwasser met rust laten. Zijn dochter heeft nooit meer iemand van de Stasi (Staatssicherheit) gezien; ze mocht haar huis en haar job behouden.
Dertien dossiers
Jürgen Sparwasser vertelde het allemaal rustig in de lobby van een hotel in Bad Vilbel, een in de buurt van Frankfurt gelegen stadje waar hij nu nog altijd woont. Hij had net een biografie geschreven over zijn carrière, maar nauwelijks over zijn vlucht. Nu wilde hij daar wel op ingaan. Hij kwam er na zijn vlucht achter dat er over hem dertien dossiers bestonden, dat voormalige ploegmaats spionnen waren voor de Stasi. Maar hij vertelde ook dat het eigenlijk schitterend was in de DDR te voetballen, althans puur als je naar het sportieve kijkt. Omdat voetballers heel goed werden opgeleid door specialisten die zich in ieder onderdeel van het spel verdiepten. Sparwasser had vijftien jaar voor 1. FC Magdeburg gevoetbald en hij had met zijn club de Europacup voor Bekerwinnaars gewonnen, met een ploeg waarin alleen jongens uit de regio stonden.
Als trainer zou Jürgen Sparwasser in het Westen nooit zijn weg vinden. Net zoals vele anderen uit de voormalige DDR. Althans in het voetbal. Het leek erop dat hun vakkennis overboord werd gegooid. Terwijl ze goed opgeleid werden en zeer planmatig werkten. Maar het trainerschap was niets voor hem. Dat ervaarde Sparwasser toen hij tweedeklasser Darmstadt 98 onder zijn hoede had. Hij kon met de stress niet omgaan. Maar hij was tevreden, zeker nadat zijn familie na de Val van de Muur werd herenigd. En hij werd nog vaak aangesproken over het doelpunt tegen West-Duitsland. Toen had hij zijn eigen legende gecreëerd. Terwijl dat zeker niet de bedoeling was. Lachend vertelde Sparwasser dat er bij de Duitse Voetbalbond nog altijd mensen zijn die hun zakdoek moeten pakken als ze aan die goal denken. Daarom, zei hij, moeten ze na zijn dood op zijn grafsteen niet zijn naam zetten, maar dat daar enkel hoeft te staan: ‘Hamburg 1974’. Iedereen zal dan wel weten wie daar begraven ligt.