Zaterdagmiddag overwoog het Parijse stadsbestuur nog om het klassieke toernooi in het stemmige Charlétystadion te verbieden. Dertig uur later was de temperatuur tien graden gezakt en verheugden atleten en toeschouwers zich over het ideale atletiekweer, in het bijzonder voor de korte disciplines.
Landgenoot Michael Obasuyi deed er zijn voordeel mee. Al in de reeksen van de 110 meter horden bracht hij zijn Belgische record op 13.16, in de finale was hij nog 6 tiende seconde sneller. Geen Europeaan liep dit seizoen sneller, maar de tenoren moeten nog in actie komen.
De Zwitserse 800 meterloopster Audrey Werro zet haar opmars voort. Met 1.53.80 benaderde ze het bijna drieëndertig jaar oude wereldrecord van de Tsjechoslowaakse Jarmila Kratochvilova tot op iets meer dan een halve seconde. Haar grote rivale, de Britse Keely Hodgkinson, onderneemt over drie weken in Londen op haar beurt een aanval op het wereldrecord. Je zou bijna wensen dat de Britse hoofdstad een etmaal ervoor nog kreunt onder de hitte.
De halve-fond bij de mannen was al even indrukwekkend. De Canadees Marco Arop liep superieur naar 1.41.84. Al geruime tijd lijkt het wereldrecord, 1.40.91, op naam van de Keniaan David Rudisha, zijn langste tijd gehad te hebben. Het moet er de komende weken of maanden maar eens van komen. De Belg Eliot Crestan was vijfde, in 1.44.23, een tweetal seconden boven zijn Belgische record.
Wie weet sneuvelt over afzienbare tijd ook het wereldrecord op de 1500 meter (3.26.00 door de Marokkaan Hicham El Guerrouj). Eén van de kandidaten, dit jaar of later, is een pas twintigjarige Australiër, Cameron Myers. Wat een slotronde, wat een versnelling, wat een stijl. 3.28.00 en als hij niet langdurig gehinderd wordt door een mentale inzinking of een gebroken teen zal het daar niet bij blijven.
Over een inzinking gesproken: Mondo Duplantis is na zijn uitzonderlijke verlies voor eigen publiek in Stockholm weer helemaal fit. 6,13 meter en niemand die dat ook maar benaderde. Er zijn nog bijna-zekerheden in het leven.