Solidariteit

Pinterest LinkedIn Tumblr +
Deel dit artikel:

Bart Verhaeghe en Vincent Mannaert zijn het beste bestuurdersduo sinds de tandem Constant Vanden Stock-Michel Verschueren. Heren met een voetbalvisie. Daarom was het ook zo ontgoochelend om vorige zaterdag in Het Laatste Nieuws deze quote van Vincent te lezen: ‘Als Lotus van Jan Boone sinds vanouds goede omzet- en winstcijfers draait, en zijn concurrent zou het erg slecht doen, moet Jan dan financieel bijdragen opdat zijn concurrent meer koekjes zou kunnen verkopen? Waar is dáár de economische logica?’

Mijn eerste reactie was: hij heeft er niets van begrepen en dit is de slimste man in ons voetbal. De economische logica betekent het einde van het voetbal. In het bedrijfsleven probeer je je marktaandeel te vergroten en niets beter dan een concurrent die verdwijnt. Zo werkt het in de sport niet. Zonder tegenstanders heb je geen competitie meer en kan je nog alleen tegen jezelf spelen.

De heren van Brugge verwezen in het artikel naar de NBA, maar die heeft – zoals alle grote profsporten in Amerika – een heel andere filosofie. Sportbonden als de NBA en de NFL doen er juist alles aan om niet alleen alle clubs in leven te houden, maar ook om iedereen min of meer gelijke kansen te geven om sportieve successen te boeken.

TV-gelden worden gelijkmatig verdeeld, bij de draft mogen de zwakste clubs eerst kiezen uit het aanbod jonge talenten en in de NFL krijgt de bezoekende club 17 procent van de recette, om ervoor te zorgen dat teams uit minder grote agglomeraties kunnen meeprofiteren van de voordelen van clubs uit de grootsteden. Solidariteit is de basis van topsport in het meest kapitalistische land van de wereld.

In Europa hebben we met een totaal andere situatie te maken. Clubs spelen niet alleen in een nationale maar ook in een Europese competitie. Dat maakt het een pak moeilijker om solidair te zijn. Clubs uit kleinere landen hebben niet echt de middelen om te concurreren met teams uit de vijf grote voetballanden. De ongelijkheid zit ingebakken in het systeem.

Club voert een verkeerd gevecht. De echte strijd zou moeten zijn die voor solidariteit vanwege de Europese topclubs moeten zijn. Het is manifest oneerlijk dat bijvoorbeeld een Engelse club die de groepsfase van de Champions’ League niet overleeft een pak meer verdient dan een Belgische of Nederlandse club die de halve finales bereikt.

Het is weinig waarschijnlijk dat clubs als Real Madrid, Juventus, PSG of Manchester City bereid worden gevonden hun inkomsten te delen. Daarom is het niet onlogisch dat topclubs uit kleinere landen op zoek gaan naar oplossingen om hun financiële mogelijkheden te vergroten. De meest voor de hand liggende oplossing is schaalvergroting en dan kom je (in eerste instantie) uit bij een BeNeliga. Ik heb al in 1995 (lees ‘Eeuwige Amateurs’) gepleit voor een BeNeliga. Niet alleen om de inkomsten te vergroten, maar vooral ook om het spelniveau te verhogen.

Een BeNeliga kan de kloof met de Premier League, de Bundesliga, La Liga, de Ligue Un of de Serie A niet dichten, maar wel verkleinen. Dat is reden genoeg om door te zetten, ook al bestaat er in Nederland nog altijd weinig animo voor. En dat zal er niet op verbeteren als Uefa straks beslist dat een gezamenlijke competitie niet het dubbele aantal Europese deelnemers kan tellen.

Je kan niet de voordelen van een gezamenlijke competitie willen, maar niet de nadelen. Anders zou theoretisch de mogelijkheid bestaan dat een ploeg die elfde eindigt in de BeNeliga Champions’ League mag spelen en een club die vijftiende wordt nog mag aantreden in de Europa League. Ja, het wordt knokken in een BeNeliga, terwijl Europese beloningen nu voor het oprapen liggen voor de topclubs. Tenzij je, zoals Anderlecht, er jarenlang met je pet naar gooit.

Hoe dan ook, plannen voor een BeNeliga moeten samen gaan met goede oplossingen voor heel ons profvoetbal. En dat kan perfect. Een competitie met de overige profclubs die strijden om de nationale titel en promotie naar de BeNeliga kan op alle vlakken interessanter zijn dan vechten voor het behoud in 1A.

Conditio sine qua non voor zo’n nationale competitie zonder de topclubs zal echter solidariteit zijn van de gelukkigen die ook in Nederland aan de slag mogen. Een gesloten competitie is niet toegelaten en het is de enige mogelijkheid om te voorkomen dat veel te zwakke teams hun opwachting maken in de BeNeliga en deze op die manier devalueren. Er is dus geen ontkomen aan solidartiteit voor Club Brugge en alle anderen.

Share.

About Author

Leave A Reply