maandag, januari 24

Serie 111 Legendarische Voetbalhelden sinds 1920: Sandro Mazzola

Pinterest LinkedIn Tumblr +

111 Legendarische Voetbalhelden sinds 1920. Wie zijn ze, die honderd voetballers, tien keepers en dat uitzonderlijke fenomeen? Maak mee deze wandeling met auteur Raf Willems door het voetballandschap van de voorbije eeuw. In aflevering twintig belichten we Sandro Mazzola, de countermeester van het catenaccio. Op 27 mei 1964 bracht hij Internazionale Milaan aan de Europese voetbaltop.

SANDRO MAZZOLA: DE COUNTERMEESTER VAN HET CATENACCIO

Internazionale Milaan – Benfica Lissabon 3-1, finale Europa Cup der Landskampioenen, 27 mei 1964

Praterstadion in Wenen, 27 mei 1964. De herinnering overviel Sandro Mazzola als hij Internazionales eerste Europa Cup der Landskampioenen naar zich toetrok. Zijn droevige gedachten dwaalden af naar vader Valentino, die vijftien jaar eerder uit het leven werd gerukt. Sandro Mazzola maakte waar wat Valentino vermoedelijk ook vermocht, maar nooit heeft kunnen bewijzen: de beste van Europa zijn. Hij trok een streep onder zijn bestaan van schuchtere schim van zijn vader. Met twee snelle countergoals haalde hij Real Madrid neer. Het tijdperk van Di Stefano en Puskas eindigde die avond definitief. Het zijne begon. Sandro Mazzola straalde stilisme uit. Op en naast het veld. Voor vrienden hanteerde hij het penseel. Hij verdiepte zich in het werk van de renaissancemeesters Da Vinci, Rafaël en Michelangelo.

Vroege vaderloosheid

De schilderkunst bood hem een weg uit de stress van de hardvochtige calcioduels en verdreef het immer aanwezige verdriet uit zijn hoofd. De vroege vaderloosheid verwondde Mazzola’s ziel. Over zijn mijmeringen hing de sluier der eeuwige treurnis. Het trauma van het niet begrijpende kind, vanwege het onvoltooide leven van de vader. Vaders horen niet te sterven, althans niet in de leefwereld van het kind. Valentino Mazzola was de ster van Grande Torino, dat de eerste vier Italiaanse titels na de Tweede Wereldoorlog had veroverd en destijds werd beschouwd als het beste clubelftal van Europa.

De kleine Sandro was de mascotte van het team. Voor elke thuiswedstrijd rende hij als eerste het veld op, zich vastklampend aan vaders hand. Doordeweeks hadden zij amper contact. Valentino Mazzola scheidde van zijn vrouw Emy kort na de geboorte van Sandro’s broer. Het maakte het leven er niet vrolijker op in het behoudsgezinde Italië van de late jaren veertig, dat in de ban was geraakt van een opzwellende passionele twist.  Fausto Coppi, de campionissimo van het wielrennen én Torinofan, had de buitenechtelijke liefde voor zijn femme fatale opgebiecht: la dame bianca, de witte dame. Het scherpe Vaticaanse verzet tegen de affaire sneed een scheur in het Italiaanse gemeenschapsgemoed.

David Messina vertelde het met ingehouden adem: ‘Le jour triste, de la catastrophe aérienne de Superga. Le petit Sandro n’avait pas encore sept ans ce jour fatal du 4 mai 1949. Tous les joueurs du grand Torino étaient morts et, parmi eux, le père de Sandrino, Valentino Mazzola.’

Superga

Op de fatale van 4 mei 1949 vloog een vliegtuig met de selectie van Torino in de mist tegen de kathedraal van Superga boven de stad. Aan boord ook Valentino Mazzola, de beste voetballer van Italië en draaischijf van het beste clubelftal van Europa: Il Grande Torino, vijf keer kampioen na elkaar, was niet meer. Van het ene moment op het andere. Sandrino Mazzola, de mascotte van het elftal bij thuiswedstrijden, verloor zijn vader én al zijn voetbalhelden. Een week later stapte hij verdwaasd tussen 600.000 rouwende mensen in de immense lijkstoet door de straten van Turijn.

De dood van Valentino liet een diep litteken in de psyche van Sandrino achter.

Van dan af begon voor hem een processie van miserie. Het gezin kon amper het hoofd boven water houden. De broertjes Mazzola mochten na de dood van hun vader van moeder Emy niet voetballen. Ze vond de sport te gevaarlijk en eiste van hen dat de schoolprestaties voorrang kregen. Op voorspraak van een vriend van Valentino mochten ze toch even testen op het jeugdinternaat van Internazionale Milaan.

De bekendheid steeg hem later niet naar het hoofd, volgens biograaf Messina. Hij liet zich nooit verleiden tot parvenugedrag. Alles keerde steeds terug naar 4 mei 1949. Daar startte zijn zin voor de harde realiteit van het leven. In zijn onderbewuste moet toen voor het eerst het vonkje ontstaan zijn: in de voetsporen van vader Valentino treden. En bij voorkeur nog beter doen dan hij. Met andere woorden: de beste Italiaanse voetballer van zijn tijd worden.

De technische gaven van de jonge Sandro werden snel herkend, maar karakterieel stond hij niet sterk in zijn schoenen.

Doelgerichte versnelling

Giuseppe Meazza, aanvalsleider van de Squadra Azzuri die in 1934 en 1938 wereldkampioen werd, trainde tussen 1955 en 1957 het eerste elftal van Internazionale. Hij zag Sandro evolueren van een timide, bange en eerder ongeïnteresseerde puber naar een wilskrachtige, ernstige en vooral erg getalenteerde spits. Meazza dacht bij hem spontaan terug aan de dribbelkwaliteiten van Borel en het doorzettingsvermogen van Piola, twee andere Italiaanse wereldbekerhelden van zijn tijd.

Meazza bleef bescheiden over zichzelf en vergat te vermelden dat Mazzola ook de ‘Meazzasprint’ in zich had, een zeer doelgerichte versnelling in het strafschopgebied. Die loftuiting ontving hij van zijn coach Helenio Herrera, de man die verhinderde dat hij afgleed naar een obscure tweedeklasser. Hij haalde hem op zijn negentiende bij de selectie en maakte hem tot vaste waarde in 1962. Omwille van zijn snelheid, dribbelvaardigheid en doelgerichtheid werd hij zelfs de nieuwe Meazza genoemd.

En het zat hem vooral in het intellect. Althans volgens Messina: ‘La physique est gracile, la voix est faible, mais l’intelligence est vive.’ Het lichaam was sierlijk, de stemming was breekbaar, maar de intelligentie bleef alom aanwezig.

Catenaccio met Herrera

De begeerte voor de bal hielp Mazzola aan de slag bij Inter, maar de naam van zijn vader dreigde als een schaduw over San Siro. Het onwrikbare geloof van coach Helenio Herrera trok hem over de streep. Sandro Mazzola werd in de jaren zestig de vedette van Inter. De flamboyante Argentijnse trainer was de tegenpool van de gereserveerde, minzame Mazzola, die steeds een waas van mysterie over zich trok. Herrera kookte over, stookte onrust, intrigeerde en speelde komedie tot beroertes hem neerhaalden. Mazzola verschool zich achter een verlegen lachje en liet zich nooit volledig doorgronden, ook niet in zijn elegante bewegingen op het veld. Herrera en Mazzola creëerden samen het catenaccio, een uiterste beredeneerde maar hoogst omstreden voetbalomwenteling, waarmee Inter in 1964 en 1965 de wereld veroverde.

De Nederlandse columnist én Interfan David Endt haalde in zijn boek ‘De schaduwen van San Siro’ op dat Mazzola door Herrera diende overtuigd te worden van zijn mogelijkheden: ‘Herrera zag dat er in dat magere lijf veel klasse school. Waar ook Sandro zich niet zelf van bewust was. Hij overtuigde de oorspronkelijke middenvelder dat hij beter in de spits tot zijn recht zou komen. Als speerpunt van de aanval in het door Herrera geperfectioneerde catenacciosysteem. Hij werd de fantastische afwerker van de dieptepasses van de middenvelder en spelmaker Suarez, de demarrages op rechts van buitenspeler Jair en de voorzetten op links van flankverdediger Facchetti. Naast techniek en snelheid, bezat hij ook tactische intelligentie en tomeloze werklust. Zijn eerzucht voor Inter was bijzonder groot.’

La bella figura

In die jaren droeg Internazionale – destijds ontsproten uit de burgerij – het imago van de adelstand, dat op het hoogtepunt van Herrera’s macht omsloeg in grandeur. Chique families bestuurden Inter – de club der miljonairs, die volgens de ongeschreven Milanese designregels van la bella figura altijd een goed figuur slaan.

De naam Internazionale heeft vrouwelijke verleiding in zich en zou een opera van Verdi kunnen zijn. De strakke, blauwzwarte shirts met de glanzende gouden ster kenden geen concurrentie en leken geborduurd volgens de beste modekunst van de Domstad. Intern liep over van de klasse, in het spel vertaald in stijlrijk en charmant cynisme. Herrera bedacht de kunst van het antivoetbal. Inter beoefende dat met een academische graad. Agressief afweerspel met scherpe rugdekking. Circulatievoetbal op eigen helft met de technische verdedigers Facchetti en Burgnich, de commanderende keeper Sarti, een dubbele middenvelddrempel rond Domenghini en de vrijbuitende balkunstenaars Suarez, Corso en Jair. Tussen 1963 en 1967 een amper te ontgrendelen systeem.

Sandro Mazzola – voor de fans Mazzolino, een fragiel en frivool bloemenruikertje – werd de briljante speerpunt van Herrera’s hatelijke catenaccio. De koele kikker, de bekoorlijke killer. Hij vierde met Inter vier landstitels, twee de keer de Europa Cup der Landskampioenen (Real Madrid en Benfica) en twee keer de Intercontinenale Cup (telkens tegen Independiente). Hij verloor de finales van Celtic (1967) en Ajax (1972). Met Italië, waarvoor hij in zeventig interlands 22 goals maakte, won hij goud (EK 1968) en zilver (WK 1970). Hij voetbalde vijftien jaar in het eerste van Internazionale en weigerde een laatste lucratieve transfer naar Juventus. Omdat hij Interista voor het leven was. En Ferenc Puskas had gelijk gekregen. De befaamde Hongaarse spits van Real Madrid sprak na de door Inter gewonnen Europacupfinale in 1964 voorspellende woorden: ‘Hij gaat een grote carrière tegemoet want de drang naar doelpunten zit in zijn lichaam zoals het bloed door zijn aderen stroomt.’

Il Grande Mazzola

Uiteindelijk diende hij het ook zelf te geloven. Hij had zijn vader Valentino overtroffen. Het geniet van Il Grande Torino had een waardige opvolger gevonden. Het geniet van Il Grande Inter. Sandro Mazzola.

111 legendarische voetbalhelden sinds 1920 | Raf Willems

Share.

About Author

Raf Willems (1960) noemt zichzelf voetbalschrijver met een boekenkast. Hij is uitgever en auteur van meer dan 40 boeken over ‘voetbal met een knipoog naar geschiedenis & samenleving’ en schreef voor het Nederlandse weekblad Voetbal International (1995-2000), de krant NRC Handelsblad (2001-2006) en de website Stichting meer dan Voetbal (2008-20014). Sinds 2014 Initiatiefnemer van voetbaldenktank & onlineplatform De Witte Duivel.

Comments are closed.