maandag, juni 15

Matthias Sindelar, vrolijke én treurige Weense Wals van het Wunderteam 1934-1938 – Raf Willems

Pinterest LinkedIn Tumblr +

Een dagelijkse serie van 31 afleveringen…Iconen van het WK Voetbal 1920-2026 uit het gelijknamige boek. Vandaag: Matthias Sindelar, 10 februari 1903 – 23 januari 1939.

Oostenrijk – Duitsland 2-0, das Anschlussspiel op 3 april 1938, Prater Stadion Wenen

Matthias Sindelar. Voerde de twee beste matchen uit zijn lange loopbaan op tegen Italiaanse tegenstanders in de aanloop naar de Mondiale 1934. In het prestigieuze landentoernooi International Cup, met de sterkste elftallen van Centraal-Europa, versloeg Oostenrijk dankzij zijn twee doelpunten op 20 maart 1932 in Wenen voor 63.000 toeschouwers het Italië van zijn grote concurrent Giuseppe Meazza met 2-1. Dit resultaat kantelde het goud in de richting van het Wunderteam. Op 8 september 1933 knalde hij met drie doelpunten zijn club Austria Wenen naar de Mitropa Cup. Ten nadele van Inter Milaan, opnieuw mét Meazza: 3-1 voor 58.000 toeschouwers, alweer een record. Totaalscore: 4-3. Daarmee toonde hij niet alleen aan Europa dat hij, én niet Meazza, de beste aanvaller was. En dat zowel Oostenrijk als Austria sterker waren dan hun Italiaanse tegenhangers. Bovendien: zowel het nationale Wunderteam als Austria wonnen de grootste voetbalevenementen van hun tijd. Aan de vooravond van het WK in Italië twijfelde niemand: Sindelar zou mogen pronken met de wereldbeker. Alles wees in die richting nadat hij met een uitstekende prestatie in de kwartfinale Hongarije op zijn nummer zette. In de halve finale knakte de brutale Italiaans-Argentijnse mandekker Monti de hoop van het Wunderteam. Hij schopte Sindelar opzettelijk van het veld, maar omdat het reglement verhinderde dat geblesseerde spelers mochten gewisseld worden, strompelde hij de match uit. Hij speelde geen rol van betekenis meer en Italië won ten onrechte met 1-0.

Matthias Sindelar. Kind van Favoriten, de meeste miserbale barakkenwijk van Wenen. Voetbalde uren op straat en botste met het gezag: voortdurend op de vlucht voor de politie en de parkwachters. Verloor zijn vader tijdens de Eerste Wereldoorlog in 1917. Men noemde hem der Papierene. Vanwege zijn schichtig uiterlijk, zijn bravoure, zijn lichtvoetige en confrontatie-ontwijkende wals. Zijn briljante bewegingen en lichaamsbeheersing vielen dermate in de smaak dat ze door schrijvers werden vergeleken met kunst. Hij koos uit principe niet de kortste weg naar het doel, maar bedacht altijd een dribbel of een schijnbeweging: 27 treffers in 44 interlands, 600 doelpunten voor Austria Wenen in 700 duels, of daaromtrent. En toch: schoonheid boven resultaat. Onder Sindelar werd voetbal een onderdeel van het geestesleven. Met hem vertolkte het Wunderteam, op het ritme van de Weense Wals, tussen 1931 en 1934 het mooiste spel van Europa. Ondanks zijn populariteit bleef hij schuchter, introvert en moeilijk te doorgronden. Zocht zelden de belangstelling op en keek met een ernstige, bijna trieste blik naar het leven. Men vergeleek hem met de ‘treurige clown August’.

Hij excelleerde ook met Austria, een club van kunstenaars en intellectuelen met een vrijzinnig-joodse achtergrond. Ze verdedigde de gedachte: ‘Voetbal is eerst denken met het hoofd.’ Het liberale Austriapubliek kantte zich in partijen tegen Italiaanse opponenten fel tegen hun fascistengroet.

Vier jaar na het onbestrafte gebeuk van Monti aasde hij op revanche bij La Coupe du Monde in Frankrijk. In de lente van 1938 verpestte de annexatie van zijn land door de troepen van Hitler zijn leven.

Nazi-Duitsland bezegelde de Anschluss van Oostenrijk met een georkestreerde interland op 3 april 1938. Het oude Oostenrijk mocht in Wenen nog één keer aantreden tegen het Duitsland van de Nieuwe Orde. Daarna zou bondscoach Sepp Herberger het beste van beide teams – Duitse kracht en Oostenrijkse creativiteit – kneden tot het superieure elftal van het Derde Rijk om de wereldbeker te winnen. Eén man strooide zand in de machine. Matthias Sindelar.

Hij morste voor de pauze opzettelijk én opzichtig met de kansen. Na zijn openingsdoelpunt danste hij uitbundig en, tegen zijn teruggetrokken natuur in, provocerend voor de eretribune. Nadien bereidde hij nummer twee voor. De vernedering was totaal. Politieke opposanten omschreven zijn gedrag als ‘speelse weerstand’. Hij stak de draak met de verzameling opgedirkte nazi-malloten. Een radeloze schreeuw in het duister van een gecultiveerd individu tegen het meest wanstaltige systeem. Hij begreep dat zijn kunstzinnige Wiener Schule zou opgeslorpt worden door het domme Duitse gedraaf. En hij begreep beter dan wie ook dat de nationaalsocialistisch putsch zijn loopbaan ruïneerde. Na afloop kondigde ‘der Papierene’ laconiek zijn afscheid van het internationale podium aan. Hij veinsde een knieblessure en stelde de Weense Persönlichkeit boven de Germaanse krachtpatserij. Beschimpte openlijk de Oostenrijkse slippendragers van het Derde Rijk en verborg ook na de invasie van de nazi’s zijn vele vriendschappen met joodse burgers niet.

Overleed in onopgehelderde omstandigheden met zijn vriendin zeer onverwacht op 23 januari 1939. Zelfmoord?

Schrijver Friedrich Torberg zette de betekenis van de dode voetballer neer in een ontroerend afscheidsgedicht, dat aansluitend bij de Weense levensfilosofie de humor met het lijden verbond Met onder meer het veelzeggende vers: ‘Er spielte Fussball wie kein zweiter, er stak voll Witz und Phantasie. Er spielte stets. Er kämpfte niet.’ Matthias Sindelar.

Uit: Iconen van het WK Voetbal 1920-2026 – Raf Willems – Uitgeverij Best in Books

 

 

Share.

About Author

Paul Catteeuw (1956) bekijkt voetbal vanuit de tribune achter het doel. Hij houdt zo de vinger aan de pols voor wat naast de zijlijn gebeurt en probeert om er dwars doorheen te kijken. Soms vol nostalgie, soms vol verwondering, maar meestal met een vleugje ironie.

Leave A Reply