door Jacques Sys
Het Zeeuwse vestingstadje Hulst maakt zich op voor het WK veldrijden. Op een parcours dat nog maar zelden is gezien. Het zal voor Mathieu van der Poel geen verschil maken.
Meer dan 35.000 tickets zijn er in de voorverkoop al van de hand gedaan voor het WK veldrijden in Hulst. Aanvankelijk werd er op ruim 50.000 toeschouwers gerekend als de profs zondag om de regenboogtrui strijden, maar door het afhaken van Wout van Aert zal dat aantal niet worden bereikt. De renners krijgen in Hulst een technische omloop voorgeschoteld, met korte klimmetjes en snelle afdalingen, met bruggen en pontons en met veel bochtenwerk. Het is een parcours, zegt de organisatie, dat nog maar zelden is vertoond.
Het is de tiende keer dat het wereldkampioenschap veldrijden, dat in 1950 voor het eerst werd georganiseerd, in Nederland wordt gereden. In Hulst, dat zich graag profileert als de ‘meest Vlaamse stad’ van Nederland, zal geschiedenis worden geschreven. Er is echt een mirakel nodig om Mathieu van der Poel van een achtste wereldtitel te houden, waarmee het record dat hij sinds vorig jaar met Eric De Vlaeminck deelt (zeven titels) wordt gebroken. Met De Vlaeminck, een pure acrobaat, heeft Van der Poel één zaak gemeen: ook hij zweeft bij momenten zo soepel over de omlopen dat je niet de indruk krijgt dat hij zware inspanningen levert.
Met twaalf overwinningen in twaalf wedstrijden domineert Van der Poel het veldrijden deze winter als vanouds. Alleen deed hij het wat kalmer aan en vloog hij er niet overal van in de eerste ronde in. Omdat hij rustig naar het WK wilde opbouwen. Niettemin won Van der Poel zijn wedstrijden met speels gemak.
Dat zal zondag niet anders zijn. De titelverdediger krijgt van het veldrijden nog altijd de grootste kick. Telkens weer pleegt hij achteraf zijn crossen op televisie te bekijken. Om iets op te steken over zichzelf. Het tekent zijn gedrevenheid. Het beste is voor Mathieu niet goed genoeg.
WINNEN MET PANACHE
De afgelopen jaren legt Mathieu van der Poel de focus op de weg. Vroeger liet hij uitschijnen de weg maar saai te vinden en vroeg hij zich af wat hij in het peloton zat te doen. Maar door de open manier waarop er wordt gekoerst en de status die hij inmiddels als wegrenner bereikte, denkt hij daar al lang anders over.
De vraag of Mathieu het veldrijden met de weg zal blijven combineren wordt elk jaar opnieuw gesteld. De tegenstanders moeten zich wat dat betreft geen illusies maken: Van der Poel zal het crossen nooit laten vallen. Na de achtste wereldtitel volgt er een negende. En dan een tiende. Hij werd nog maar net 31 jaar en wil zeker nog drie seizoenen koersen.
Hoe saai het WK zondag zal worden hangt van Mathieu van der Poel af. Kiest hij voor een vroege aanval? Het zou passen bij zijn temperament: Van der Poel wil winnen met panache. Alleen daar haalt hij plezier uit. Interessanter wordt de vraag wie naast hem op het podium zal staan. De Nederlandse kampioen Tibor Del Grosso lijkt een kandidaat voor het zilver Hij kan zich gemakkelijk aan verschillende omlopen en weersomstandigheden aanpassen en zette dit seizoen een grote stap vooruit. Maar ook de aandacht van Del Grosso gaat uit naar de weg. Net zoals die van Thibau Nys die een wisselvallige campagne kende en na iedere wedstrijd zijn prestaties heel goed kan analyseren. Geen excuses zoeken maar de hand in eigen boezem steken. Het is eigen aan de nieuwe generatie. Ook bij Thibau Nys lonkt de weg waar hij een bredere basis kreeg om sneller te herstellen en een inspanning langer vol te houden. Maar ook hij is niet van plan om het veldrijden op te geven.
De weg en het veld, het wordt meer en meer aan elkaar gekoppeld. In 2023 werd Mathieu Van der Poel in Glasgow wereldkampioen op de weg voor Wout van Aert. Begin dat jaar waren dit ook de nummers één en twee op het WK veldrijden in Hoogerheide. Het is tekenend voor de evolutie van het wielrennen. Vroegere iconen als Sven Nys en Roland Liboton slaagden er nooit in een aansprekende wegkoers te winnen.
EEN WEEKEND NAAR TEXEL
Spannender zal zaterdag het wereldkampioenschap bij de vrouwen worden. Nadat de mentaal opgebrande Fem van Empel al dan niet voorlopig een punt zette achter haar carrière, imponeerde de 36-jarige Lucinda Brand. Ze degradeerde haar concurrenten tot meelopers. De afgelopen weken bleek Brand echter minder superieur en kwamen er met Ceylin del Carmen Alvarado en vooral Puck Pieterse anderen aan de oppervlakte.
De uit de Dominicaanse Republiek afkomstige Alvarado, die lang sukkelde met een blessure, brengt met haar exotische flair kleur in het veldritwereldje.Ze werd dit jaar kampioen van Nederland, terwijl Pieterse op technisch vlak bij de allerbesten hoort. Ze was destijds de eerste vrouw die met haar fiets over een balkje sprong. En tijdens het WK van 2022 in het Amerikaanse Fayetteville verblufte ze door de lange trappensessie op het parcours met de fiets te beklimmen. Trede voor trede jumpte ze naar boven.
Het publiek herkent zich in rensters als Puck Pieterse die van een zeer aanvallende manier van rijden houdt. Altijd voluit gaan, is haar credo. Die passie is er niet altijd geweest. Toen Puck in 2019 werd geselecteerd voor het WK mountainbiken in Canada zei ze dat ze daarvoor moest passen omdat ze met haar vriendinnen op weekend naar Texel zou gaan. Maar ze kwam wel op die beslissing terug.