The Windy City, wordt de stad soms genoemd. Zondag kwam Aeolus evenwel tot rust. De zon daarentegen was royaler dan de 55.000 marathonlopers en -loopsters hadden gevreesd. Indrukwekkende records bleven bijgevolg uit, al zijn de winnaars, de Keniaan Amos Kipruto en de Ethiopische Hawi Feysa, kennelijk ongevoelig voor de warme stralen, opgeschoven naar de vijfde plaats op de wereldranglijst aller tijden. Kipruto evenaarde zelfs het gewezen wereldrecord van zijn landgenoot Eliud Kipchoge, tien tot vier, vijf jaar geleden de almachtige keizer van de tot de verbeelding sprekende 42,195 kilometer. Het illustreert de enorme vooruitgang op de lange afstand.
Waarbij de vrouwen niet achterblijven. Vijfentwintig jaar geleden dook de Japanse Naoko Takahashi onder de magische 2.20-grens. Inmiddels maakt ze geen deel meer uit van de top honderd. Even kenmerkend: in Chicago liepen voor het eerst drie vrouwen, Feysa en twee Keniaanse, in dezelfde wedstrijd minder dan 2.15 (het wereldrecord van de inmiddels op doping betrapte Keniaanse Ruth Chepngetich bedraagt 2.09.56).
Ander en geruststellend nieuws uit Chicago: marathonlopen hoeft niet tot vroegtijdig lichamelijk verval te leiden. Winnaar Amos Kipruto, niet te verwarren met de minstens even talentrijke Benson Kipruto, is een gevestigde naam in het wereldje, met overwinningen en ereplaatsen in een aantal internationale klassiekers. Hij is al 34. Ook zijn landgenote Mary Ngugi-Cooper, de nummer vier, verbeterde haar persoonlijke record, en niet op het nippertje, ze was meer dan 3 minuten sneller dan ooit. Ngugi-Cooper is 37. Treffender nog, en bejubeld in alle Amerikaanse en buitenlandse commentaren: Galen Rupp, uit Oregon, veertien en tien jaar geleden winnaar van het olympisch zilver op de 10.000 meter en het brons op de marathon, eindigde als elfde in 2.06.55, zijn op een na beste tijd. Heel knap. Rupp, bescheiden, wijs en geduldig na jaren van blessures en andere handicaps, is 40.