‘De absolute verneukgoal’, jubelde dichter-columnist Nico Scheepmaker toen hij op 20 juni 1976 in Belgrado zag hoe Antonin Panenka met een historische strafschop de Europese titel aan Tsjecho-Slowakije schonk. ‘Een schepje suiker’, schreef Scheepmaker verder over het trage lobje waarmee hij Sepp Maier voor aap zette. Het doelnet kon de bal nauwelijks hebben gevoeld.
Het was een internationaal nooit vertoonde strafschop, die zaterdag 50 jaar wereldwijde bekendheid draagt. Soortgelijk uitgevoerde strafschoppen kregen sindsdien de naam van de 77-jarige Tsjech. ‘Panenka is de strafschop geworden voetballer en ik stel voor om in de toekomst, als eerbetoon, en als herinnering aan hem en aan het moment, niet meer te spreken van een penalty maar van een panenka’, bepleitte de toen net als voetballer gestopte Jan Mulder na het Euro 1976 in een column in weekblad De Tijd.
Buiten Tsjecho-Slowakije had destijds vrijwel niemand ooit van Antonin Panenka gehoord. Totdat hij pas op zijn 32ste toestemming kreeg van de nog Sovjet-gezagsgetrouwe autoriteiten om in Oostenrijk te gaan spelen, kwam Panenka zijn leven lang uit voor Bohemians, de derde club van Praag. Inclusief premies verdiende hij er 4.000 kronen per maand, 130 euro, royaal genoeg om zijn gezin met twee kinderen te kunnen onderhouden.
Op 13 november 1984, daags voor de (verloren) WK-interland Oostenrijk – Nederland (1-0), spraken we elkaar in een Konditorei in Wenen. Een bescheiden, vriendelijke man, klein van stuk, met nog altijd die opvallende snor. Bijna 36 was hij destijds. Panenka was aan zijn derde en laatste seizoen bij Rapid Wien bezig, redelijk dichtbij vanuit Praag. ,,Toen ik 31 en negen maanden was kreeg ik een aanbieding van SK Lokeren in België. Drie maanden te vroeg was dat. Op mijn 32ste was ik een van de eerste Tsjechische voetballers die van de autoriteiten toestemming kreeg om in het Westen te gaan spelen.”
Mix van talent en training
Ook bij Rapid Wien heeft het voetbal hem niet meer vermogend kunnen maken. Maar zijn roem vergleed nooit meer. Zo droeg Panenka het gewicht mee waarmee hij zich inzette voor Bohemians om de club voor een faillissement te behoeden. Zo wordt hij nog steeds herinnerd aan die strafschop in 1976. De vrucht van een mix van twee jaar training en technisch talent.
,,Na elke training ging ik daarop oefenen met Zdenek Hruska aan, onze keeper, een specialist in het stoppen van strafschoppen. We maakten er wedstrijden van, we gingen weddenschappen aan. Als hij geen beweging maakte, koos ik voor een hoek en ging de strafschop er meestal toch in.”
Zo kwam Tonda (zijn roepnaam) ook aan het eind van de EK-finale oog in oog te staan met Sepp Maier, de doelman van West-Duitsland. ,,We hadden al een 2-0 voorsprong verspeeld en de Duitsers drongen na de 2-2 steeds sterker aan. Voor mij persoonlijk was het gunstiger dat er na de verlenging strafschoppen kwamen. In de halve finale tegen Nederland was ik het al van plan, toen konden we nog in de verlenging winnen.”
Gewaarschuwd
Ivo Viktor, de doelman en tevens zijn slaapkamergenoot, had Panenka nog wel gewaarschuwd. Hij verbood hem om te kiezen voor de strafschop-variant waarop Panenka al zo lang broedde. Hij flikte het toch. Na acht strafschoppen stond het 4-3 voor de Tsjecho-Slowaken. Alleen Uli Hoeness had gemist. Toen kon Panenka zich niet meer inhouden. Verstard en verbaasd lag Maier al verslagen in de hoek op het moment dat Panenka de bal het lege doelvlak inschepte.
,,Er is toen wel gezegd dat ik de keeper belachelijk had gemaakt. Het had niets met gebrek aan respect te maken. Ik was ervan overtuigd dat het de meest veilige manier was om een penalty te benutten, omdat het zo onbekend was. Een keeper moet immers naar een hoek gaan, hij moet wel een beweging maken, anders wordt hem verweten niets gedaan te hebben.”
‘Vijand van de staat’
Maar wát, áls het wel mis was gegaan, áls Duitsland alsnog Europees kampioen was geworden? ,,Ik besefte heus wel dat missen zou worden uitgelegd als het belachelijk maken van het communistisch systeem. Ik zou de vijand van de staat zijn geweest. Dan was ik misschien wel naar uraniummijnen zijn gestuurd of naar de machinefabriek van CDK. Maar, geloof me, ik was echt zeker van mijn zaak.”
Zijn zelfvertrouwen ontleende Panenka aan een handvol succesvolle penalty’s in de nationale competitie en in oefenwedstrijden. ,,Ik had ze zo al vaak genoeg gemaakt, ook daarna. Maar één keer mislukte het, bij een wedstrijdje in een dorp, even buiten Praag. Daar stond bijna niemand te kijken.”
Twee groepen
Het succes op het EK van 1976 bleef exclusief voor zowel Tsjechië als Slowakije. ,,Op dat EK vormden we een ideale mix van vechtlust, techniek en leiderschap. Eerder kwam het nogal eens voor dat we groepen hadden. We gingen gescheiden aan tafel, er waren aparte tactische besprekingen. Op dat EK waren we met maar vier Tsjechen in de minderheid maar heeft Tondra Ondrus, onze aanvoerder, een Slowaak, ons samen gehouden.”
Het gemeenschappelijke nationale tricot kon de Europese kampioenen niet trots maken. Bij de huldiging droegen ze bijna allemaal een Duits shirt. ,,Ik was de enige die geen shirt had geruild. Daarom noemden ze me toen de enige patriot”, aldus Panenka, die voor de Europese titel werd beloond met een premie van 17.000 kroon, een ‘schamele’ 500 euro., net genoeg om een kleuren-tv-toestel te kopen.
Daarover zeurde Antonin Panenka niet meer toen hij in 1984 herinneringen ophaalde aan het absolute hoogtepunt in zijn verder weinig opwindende carrière. ,,Die strafschop heeft me beroerd gemaakt, vooral omdat het zo bijzonder was op een moment dat de hele wereld meekeek.”