zaterdag, januari 10

Een voetbalmakelaar over de veranderde talentbegeleiding

Pinterest LinkedIn Tumblr +
´Door de commercialisering van het mondiale voetbal ontstond er een geheel nieuw fenomeen. De spelersbegeleiders kregen een geheel ander profiel. Ze hadden niet langer een sportachtergrond, maar kwamen voort uit de financiële of juridische wereld. Later namen zelfs investeerders de rol van de traditionele zaakwaarnemers over. Dat heeft een enorme impact gehad op het voetbal. Tot aan het begin van de jaren negentig stond het sportieve aspect op nummer één. Ons doel was het om de dromen te verwezenlijken van voetballers die de beste wilden worden en het hoogste in hun sport probeerden te bereiken. Vanuit die gedachte probeerde ik een carrière voor mijn spelers op te bouwen, die uiteraard ook tot financieel succces moest leiden. Later veranderde dat compleet. Agenten, juristen en investeerders infiltreerden in de omgeving van een speler door hun ouders gouden bergen te beloven. Zij betaalden twee, drie, vijf ton tot een miljoen euro om de exclusieve rechten voor een jong talent te verwerven of zelfs levensverzekeringen op hen af te sluiten. Ze gingen zover als ze konden, waardoor de balans binnen zo´n familie totaal verstoord raakte. Want vader had ineens geld en stopte met werken. Zijn zoon was immers de oplossing voor alle problemen. Zo´n talent van pakweg achttien jaar moest ineens het hele gewicht van een familie dragen, terwijl hij niet eens volwassen was. Maar hij was wel verantwoordelijk voor ieders geluk. Dus wat doe je dan? Je raakt nog meer gevoelig voor geld en vergeet soms je werkelijke drijfveren, waardoor je niet meer in alle rust tot volledige rijping kan komen. Daardoor maken zulke spelers de verkeerde keuzes en zitten ze liever voor x-miljoen op de bank bij een topclub dan dat ze zich sportief kunnen ontwikkelen. Zeker door de mondialisering van het voetbal zijn heel veel talenten zo om zeep geholpen.
 
De hedendaagse wetten van het topvoetbal werken als een wurging. Voetballers die aan het begin van hun loopbaan de verkeerde keuze maken, groeien nooit meer uit tot de ster die ze in potentie misschien wel hadden kunnen zijn. Hun drijfveer is niet meer om zo hard mogelijk te werken en daardoor in het onderhoud van hun familie te voorzien, want die zekerheid hebben ze al bij het eerste contract dat ze tekenen. Ze krijen een contract voor vier of vijf jaar, een auto van 150.000 euro en een geweldig appartement. Dat is de grootste valstrik voor de familie en dus ook ¨killing¨ voor zeventig tot tachtig procent van de spelers die hun gaven van God hebben gekregen. Ze hoeven zich niet bovenmatig in te spannen en vertrouwen of speculeren volledig op hun talenten. Het systeem heeft hen compleet vergiftigd, want dat eerste contract – waarvoor ze vaak nog niks bijzonders hebben moeten presteren – leidt tot een kettingreactie. Als die investeerder met zijn juridische mensen een paar ton op tafel legt om een talent levenslang aan zich te binden, wat trouwens tegen de wet- en regelgeving is, dan volgt als vanzelf een kledingsponsor die denkt: kennelijk is dat talent zovel waard dat een investeerder daar veel geld voor over heeft, laat ik dan maar proberen om mijn concurrenten – Puma, Adidas, Nike of wie dan ook – te slim af te zijn en die speler ook een contract aanbieden.
 
De gevolgen zijn evident. Op het moment dat de speler een persoonlijk contract heeft afgesloten met een commercieel bedrijf dan denkt een Engelse club: als die sponsor het in zo´n talent ziet zitten, moeten we hem meteen voor vijf jaar vastleggen. Geld speelt daarbij geen enkele rol, het gaat die clubs louter om de potentiële toekomstige waarde van een voetballer. Dit soort handelingen zijn dodelijk voor het natuurlijke ontwikkelingsproces en de sportieve ambities van elke jonge voetballer, die alleen maar beter moet willen worden. En dat is precies de reden waarom zoveel goed opgeleide jonge talenten nooit uitgroeien tot grote kampioenen. Het probleem is dat zulke spelers niet meer de tijd krijgen om te leren van hun fouten en zo hun lichaam en hun brein zich te laten ontwikkelen. Daardoor kunnen ze hun intrinsieke vermogens niet omzetten in echte kwaliteit. 
 
Het voetbal is in handen van mensen die geen enkele liefde hebben voor de sport en de noodzakelijke kennis en ervaring missen om jonge voetballers te begeleiden. Het enige wat ze hebben is het geld en de macht om de loop van carrières te bepalen.´
 
Bron: Frans van den Nieuwenhof, Romário in Eindhoven, 2025, blz. 431-432
Investeerders, sponsors en clubs zien jeugdige voetbaltalenten als een beleggingsobject dat in de toekomst een hoog rendement (´return on investment´) kan opleveren bij doorverkoop. Terwijl ze eigenlijk nog niets hebben gepresteerd, zijn ze al inzetbaar als reclame-instrument voor een kledingsponsor of om andere promotie-activiteiten te verrichten voor een investeringsmaatschappij annex voetbalmakelaardij. Heb je voldoende spelers in je portefeuille, dan zal dat gemiddeld onder de streep altijd meer dan voldoende rendement opleveren. Waar het grote geld regeert en de geesten beheerst, is van een natuurlijke ontwikkeling geen sprake meer. Jeugdig talent wordt bij voorbaat financieel in de watten gelegd. Maar elke natuurlijke ontwikkeling is gebaseerd op het principe van ´eerst presteren, dan verdienen´, of dat nu in kunst, wetenschap of de topsport is.
 
Giovanni Branchini is een bekende Italiaanse voetbalmakelaar, die talrijke grote spelers en clubs in binnen- en buitenland heeft vertegenwoordigd. Zijn bedrijf is een belangrijke speler op de nationale en internationale transfermarkt. Hij was o.a. betrokken bij de transfers van de Brazilianen Romário en Ronaldo naar PSV Eindhoven. In 2013 ontving hij de Globe Soccer Career Award for Agents. Branchini is voorzitter van de zaakwaarnemersvereniging van zijn land en vice-president van de EFAA (European Football Agents Association).
 
Rob Siekmann
Share.

About Author

Rob Siekmann is van jongs af aan een groot voetballiefhebber. Hij speelde vijftig jaar amateurvoetbal. Tegenwoordig doet hij als veteraan met veel enthousiasme aan road running. Hij is supporter van 'good old' Sparta Rotterdam. Van hem verscheen in 1978 het eerste Nederlandse Voetbalwoordenboek (met een Voorwoord van Jan Mulder), twee jaar later gevolgd door Moderne voetbaltheorie. Recentelijk publiceerde hij boeken over de Voetbalspelregels (met een Voorwoord van Marco van Basten), totaalvoetbal en het monumentale CRUIJFFIAANS, dat genomineerd werd voor de Taalboekenprijs 2020. Willems Uitgevers deed in 2023 Het straatvoetbalboek het licht zien. Met Chris Willemsen verscheen laatstelijk ´Louis & Johan: een dubbelportret in citaten´. Rob Siekmann studeerde Slavische talen en rechten in Leiden. Hij is gepromoveerd op een proefschrift over de vredesoperaties van de Verenigde Naties. Siekmann was hoogleraar internationaal en Europees sportrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij is de oprichter en eerste directeur van het ASSER International Sports Law Centre in Den Haag.

Leave A Reply