In ´Zakkenvullers – Voetbalmakelaars en de jacht op de jeugd´ (2025) door Sjoerd Mossou en Fabian van der Poll worden door de advocaten van Cresta, de ´Sports Law Firm´, te Brussel de contouren geschetst van een transfersysteem dat grofweg uit drie peilers bestaat. Kort samengevat, is er allereerst de uitzonderlijke rol van de betalende partij in het voetbal. Daarnaast is er de onwetendheid van de profvoetballer. En ten slotte is er de dubbelrol van de agent, de spelersmakelaar.
1. De bijzondere rol van de betalende partij
Het zijn vaak niet de voetballers die feitelijk voor de diensten van hun agent betalen. Die rekening is bij transfers bijna altijd voor de aankopende club. De speler krijgt wat hij netto wil verdienen en door zijn nieuwe club wordt de commissie voor zijn agent geregeld. Elke aankopende club heeft voor het aantrekken van een nieuwe speler een bepaalde som geld beschikbaar. Daarmee wordt alles gefinancierd: niet alleen de transfersom, maar bijvoorbeeld ook het loon en het tekengeld van de speler en de commissie van zijn zaakwaarnemer.
2. De onwetendheid van de voetballer
Over de verdeling van het aankoopbudget kan worden onderhandeld, maar daar is de speler vaak niet direct bij betrokken. Voetballers weten vaak niet wat er zakelijk gezien achter hun rug om gebeurt. De speler is weliswaar degene die de financiële waarde van de deal vertegenwoordigt, maar hij weet doorgaans alleen wat hij zelf verdient en hoeveel commissie zijn agent krijgt over zijn salaris, daar tekent hij voor. Dat is een vorm van quasi-transparantie. Hoe de rest van het geld wordt verdeeld, weet hij niet, want hij kent de hoogte van het totaal voor de transfer beschikbare budget niet. Zijn agent kan daar een extra fee met de aankopende club uit onderhandelen of met de verkopende club uit de te ontvangen transfersom – met name als die hoger is uitgevallen dan door die partij begroot (zogenaamde ´sell-on´) -, of zelfs met beide partijen tegelijkertijd separate deals maken. Er bestaat dus een schrijnend gebrek aan transparantie, dat ten koste kan gaan van de speler die ook wel had willen meedelen in wat er alsnog aan de strijkstok bleef hangen, had hij daarvan af geweten.
3. De agent met meerdere petten
´Dual´ of ´triple representation´ heet dat in het jargon. De spelersmakelaar blijkt dus ook met een of beide betrokken clubs afspraken te maken om tot een deal te komen. Hij is bijvoorbeeld de huismakelaar van de verkopende club en behartigt tegelijk de belangen van zijn speler-cliënt. Een aankopende club kan hem ook verzocht hebben om de deal met de voetballer te sluiten. Daarvan behoeft de speler niets te weten. Hij tast volledig in het duister. Als hij weet van de hoed en de rand, zou hij met zijn agent erover kunnen onderhandelen hoe die dat gaat aanpakken, hoe zij beiden de verdeling van inkomsten uit de transfer zien. In de bekende zaak van Stefan de Vrij tegen SEG heeft de Hoge Raad in Nederland het beginsel omarmd dat er een dergelijke informatieplicht voor voetbalmakelaars bestaat en moet worden nageleefd.
Rob Siekmann
Share.