dinsdag, maart 31

Laat kinderen spelen, niet kiezen

Pinterest LinkedIn Tumblr +

In een opiniestuk in De Standaard werd er gisteren voor gepleit om jonge spelers die voor meer dan één land kunnen voetballen (wat niets te maken heeft met een dubbele nationaliteit) vroeger te doen kiezen welk nationaal shirt ze finaal willen dragen. Voor een keer heeft de Fifa echter gelijk. Kinderen moeten niet kiezen, maar een keuze kunnen maken als ze volwassen(er) zijn. Ze hebben hoegenaamd geen verplichtingen tegenover het voetballand waar ze werden opgeleid. En o ja, geen mens overboord als een jongen als Bounida voor Marokko kiest, de Rode Duivels zijn slechts een voetbalploeg, niet ons leger.

 

Er is de voorbije dagen nogal wat te doen rond de keuze van Rayane Bounida voor Marokko in plaats van België. Net als Kos Karetsas (Griekenland), Noah Sadiki (Congo), Bilal El Khanouss en Chemsdine Talbi (Marokko) droeg de Ajacied (en ex-Anderlecht) de voorbije jaren het shirt van de jonge Duivels. Dat dit mogelijk is, is een goede zaak.

Vroeger was het niet uitzonderlijk dat een speler van nationaal elftal veranderde. De onvolprezen Alfredo di Stefano droeg zowel het shirt van Colombia, Argentinië als Spanje. Ferenc Puskas, zijn legendarische ploegmaat bij Real Madrid, ruilde Hongarije in voor Spanje. Andere voorbeelden zijn Laszlo Kubala (Hongarije en Spanje), Luis Monti (Argentinië en Italië) en José Altafini (Brazilië en Italië). Het calcio had zelfs een naam voor spelers van Italiaanse origine die in het buitenland waren geboren: ‘oriundi’.

Honderden spelers wisselden van shirt als gevolg van politieke ontwikkelingen: zoals in Duitsland (voorheen Oost- en West-Duitsland), Joegoslavië (nu onder andere Kroatië, Servië, Slovenië, Montenegro, Noord-Macedonië) en de Sovjet-Unie (onder andere Oekraïne, Georgië, Kazachstan, Azerbeidzjan).

Nationaliteit en voetbalnationaliteit is niet hetzelfde. Dat kan ook moeilijk anders. Fifa telt meer leden dan de Verenigde Naties landen erkent. Dan denk ik niet alleen aan de historische uitzonderingen van de Home Countries (Engeland, Wales, Schotland, Noord-Ierland, samen het VK), maar ook aan Nederland (Aruba, Curaçao, Suriname), de Faeröer (Denemarken), Kosovo en Palestina (die niet door iedereen erkend worden) of San Marino, Gibraltar en Andorra. Een halve eeuw geleden werd al jacht gemaakt op spelers uit andere landen. Beroemd en berucht is de rooftocht op de Engelse velden van Jacky Charlton, de Ierse bondscoach van de jaren ’80.

Begin deze eeuw besliste Fifa dat het toegelaten werd om als 21-jarige voor een ander land te kiezen dan datgene waarvoor je bij de jeugd hebt gevoetbald. Als gevolg van het nieuws dat Qatar (meestal Afrikaanse) voetballers geld aanbood om voor het nationale shirt van de oliestaat te opteren in de aanloop naar het WK in hun nieuwe ‘vaderland’ werd beslist dat een speler die voor een ander land wil voetballen dan datgene waarin hij geboren is, alleen kon kiezen voor een land waarmee hij ‘een duidelijke band’ heeft. Een nogal vaag begrip, maar al snel volgde de officiële bekrachtiging van de regel dat je minstens twee jaar in dat land moest gewoond hebben of dat ten minste één van de ouders of grootouders in dat land geboren moest zijn.

In het eerste decennium van deze eeuw gingen steeds meer kleinere voetballanden op zoek naar Brazilianen die ze naturaliseerden. ‘Deze farce moet stoppen’, oordeelde toenmalig Fifa-voorzitter Sepp Blatter. ‘Als we dat niet doen bestaat op het volgende WK elke selectie voor de helft uit Brazilianen.’ Voortaan kon je slechts van voetbalnationaliteit wisselen als je vijf jaar in dat land had gewoond of als de biologische (voor)ouders er de nationaliteit van hadden.

Het Fifa Congres van 2020 paste de regels opnieuw aan. Een speler kon van voetbalnationaliteit veranderen als hij voor zijn 21ste maximaal twee interlands met inzet (dus geen oefeninterlands) voor het A-team van het eerste land had gespeeld (één seconde op het veld volstaat). Het resultaat was dat er een journalist de bondscoach opriep om Karetsas Rode Duivel te maken nog voor hij een echte vaste waarde was bij Racing Genk en nog niet het niveau van het nationale team haalde. En dat dus in wedstrijden waarin kwalificatie voor EK of WK moest worden verzekerd.

Fortuin

Neen, voor jonge gasten blijkt dit telkens een zware beslissing. Het is kiezen tussen het land waar zij opgroeiden en meestal nog leven en het vaderland van hun ouders. Sommigen kozen voor een land waar ze nog nooit geweest waren of de taal niet van kenden. Het is hun keuze, hun recht en het is positief dat het voetbal hen die keuze gunt.

Het heeft voor gevolg dat sommige landen verwoede pogingen doen om spelers van de diaspora te ‘recupereren’. Dat kan door hun betere kansen te bieden om international te worden (voor kleinere voetballanden, denk aan Dennis Odoi die op zijn oude dag voor Ghana koos) of meer sportieve successen te boeken. Dat laatste zou kunnen gelden voor Marokko, dat op het jongste WK halvefinalist was. Marokko besteedde ook een fortuin aan infrastructuur om jonge jongens mee te verleiden en er wordt gefluisterd dat er hen ook een fraai bedrag kan worden toegeschoven.

Ja, het is jammer dat jongens die hier opgeleid zijn de Rode Duivels links laten liggen. Die opleiding gebeurt echter bij de clubs en die doen dat niet in de eerste plaats om hen Rode Duivel te maken maar om hen (voor veel geld) te verkopen. Het enige minpunt is dat ze de plaats innemen van jongens die wel voor België kiezen of Belg zijn, maar wie er bij de jeugd door de ‘buitenlandse’ concurrentie naast valt zal wellicht toch niet de top halen.

Het zou voor niemand (jonge spelers, onze clubs) een goede zaak zijn als ze al op hun vijftiende een definitieve keuze moesten maken en te pas en te onpas in hun eentje de wereld afreizen om voor een ver land te voetballen. Of interlandvoetbal voorlopig moeten vergeten.

Geen pluspunt

Het is opvallend dat de nieuwe generatie vaak voor het land van hun ouders kiest. Dat nadat de vorige generaties heel vaak voor hun nieuwe vaderland kozen. Denk maar aan Enzo Scifo, Nordin Jabari, de Mpenza’s, Gordan Vidovic, Josip Weber, Vincent Kompany, Marouane Fellaini, Axel Witsel, Moussa Dembélé of Nacer Chadli. Misschien voelt de jeugd van vandaag zich hier minder thuis, maar laat ons niet te negatief zijn. In de huidige selectie zitten nog heel wat jongens die voor een ander land hadden kunnen kiezen, zoals Romelu Lukaku, Loïs Openda, Jeremy Doku, Nathan Ngoy, Dodi Lukebakio, Johan Bakayoko, Amadou Onana, Youri Tielemans, Diego Moreira en ik vergeet er wellicht nog enkelen.

Het is de taak van de voetbalbond om zoveel mogelijk jongens uit de eigen jeugd naar de Rode Duivels te leiden. Zonder buitensporige zaken te beloven of hen onder al te grote druk te zetten. Wel kan erop gewezen worden dat het niet altijd een pluspunt is om voor een ander land te kiezen. Ook niet voor wie als tiener een knaltransfer maakt naar een topcompetitie.

Elke interland betekent extra vlieguren en dat komt je conditie niet ten goede. Kiezen voor een land uit een ander werelddeel betekent dat je opgeroepen kan worden voor bijvoorbeeld de Afrika Cup en je nieuwe club je om de zoveel jaar wekenlang kwijt kan zijn. Vaak komen die jongens ook terecht in wat voor hen echt een onbekend land is, ook al voelen ze er zich mee verwant.

NAC

En er kunnen nog onverwachte verwikkelingen zijn. Denk aan wat in Nederland de voorbije weken gebeurde met wat ten onrechte ‘paspoortgate’ wordt genoemd (je mag meerdere paspoorten hebben). Ik laat collega Henk Mees aan het woord: ‘Het betreft spelers die vrijwillig een andere nationaliteit aannemen om elders international te worden. Volgens Nederlands recht verliezen ze daarmee de Nederlandse nationaliteit. Gevolg daarvan is dat ze als niet-EU-burger volgens Nederlands recht een werkvergunning moeten aanvragen. Conform een oude overeenkomst tussen de FBO (clubs) en de overheid krijgen deze buitenlandse voetballers pas een vergunning als ze voldoen aan het salariscriterium, dat jaarlijks wordt vastgesteld op basis van het gemiddelde eredivisiesalaris. De norm is het gemiddelde maal twee, dat is 650.000 euro (tot 23 jaar is het de helft).

‘De FBO en de KNVB hebben niet gereageerd op de overgang van spelers naar een andere nationaliteit toen ze dus een vergunning met strengere voorwaarden hadden moeten aanvragen. NAC claimt nu dat James (Go Ahead) onlangs daarom niet speelgerechtigd was. De KNVB heeft de clubs nu gevraagd de status van de betreffende spelers vast te stellen en geadviseerd deze bij twijfel niet op te stellen, ook al is besloten gespeelde wedstrijden niet ongeldig te verklaren. De kwestie heeft gevolgen voor jongens met roots in Indonesië en Suriname. Het geldt niet voor Marokko en Kaapverdië die bij geboorte de dubbele nationaliteit krijgen en dus niet vrijwillig een andere nationaliteit kiezen.’

Houtvenne

Mijn commentaar hierbij. In de Nederlandse pers wordt NAC een slechte verliezer genoemd omdat het met een klacht het behoud in de Eredivisie wil bewerkstelligen. Ten onrechte. Dit is profvoetbal en dat betekent dat de regels moeten worden gevolgd. Verhalen zoals van die keeper (Jahnilo Wiegel) van Houtvenne (eerste amateurs), die met Suriname naar het WK had kunnen gaan, zijn leuk voor een anekdotisch verhaal maar hebben niets met profvoetbal te maken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Share.

About Author

François Colin (1948) was achtereenvolgens rubriekleider voetbal en chef-sport van Het Nieuwsblad en senior writer van De Standaard. Na zijn pensioen in 2014 was hij tot 2021 columnist van SportVoetbalmagazine. Hij bracht verslag uit van twee Olympische Spelen, tien EK's en negen WK's voetbal en was aanwezig bij ruim driehonderd interlands van de Rode Duivels. Hij is auteur of co-auteur van een vijftiental boeken over de mooiste sport op aarde.

Leave A Reply